LEXICON

Het Lexicon is gebaseerd op de geraadpleegde uitgaven vermeld in de Bibliografie en uitgebreid met opzoekingen in de DMF 2015. Het geeft een verklaring in hedendaags Frans met (soms) een Nederlandstalige aanvulling. De nummers verwijzen naar dizaines waarin het woord voorkomt.

A – B – C – D – E – F – G – H – I – J – K – L – M – N – O – P – Q – R – S – T – U – V – W – X – Y – Z

E

Environner: entourer qqn/qqc, faire le tour de qqc. (un édifice, un espace…) – 94

F

Fuste (subst. fém.): bateau à voiles et à rames. Cf. Le Songe de Poliphile Paris 1546, fol.III v°: “Fregates, brigantins & petites fustes d’or” – 94 – Klein flexibel vaartuig, het woord komt uit het Spaans/Portugees zie Wikipedia Fust. Fuste betekent ook ‘schacht’ (van een vuurwapen) in het Spaans.

T

Travail: souffrance, peine – 100, 163, 167 – lijden, moeite, vgl. een barende vrouw in ‘arbeid’
Trousse (subst. fém.): carquois – 94, 119, 131 – karkas

Advertenties